Logo bevrijdingskrant.nl
Foto: Shutterstock.com

Hans Weustink

Tante Marie riep, Hans moet je toch eens kijken wat zou dat toch zijn wat daar in de lucht zweeft, het wordt hoe langer en groter, het lijkt wel een paddenstoel nog nooit eerder gezien jij dan vroeg zij, nee hoor zoiets nog nooit, en dat op tien jarige leeftijd.

Ik was op bezoek bij Opoe (Oma), aan de Ennerkerdijk waar tante Marie de huishouding dreef, zij was vrijgezel en de dochter van Opoe (oma) dus tante van mij, Zij wees mij naar de lucht daar waar de paddenstoel zweefde, en inderdaad als maar groter werd doordat die daalde, en richting de Watertoren dreef, ik ga er achteraan en rende richting daar waar de paddenstoel heen dreef en zag dat er iemand onderaan de parachute hing want zo heette dat, dit kenden we niet, zoiets hadden we nog nooit gezien zodoende, en T.V was er toen nog niet.

Maar hij ging verder richting hasselo, daar waar Boomkamp de tuinen nu heeft, in die tijd was dit nog niet, Duitse soldaten op motoren passeerden mij met enkele militaire auto's. Ik dacht wat is er toch aan de hand, bij de bocht gekomen van de Mekkelhorstweg, mocht ik niet verder, een Duitse soldaat had met een motor de weg afgesloten voor nieuwsgierige mensen, in de verte zag ik de parachute half in een boom hangen waar Duitse soldaten of officieren hem uit de boom haalden, geen piloot te zien die hier aangehangen had. Ook wist ik niet dat er grote gevolgen erachter aan kwamen, dan dat De Heer J. Boomkamp H. Roetgerink en P. van Dijk die in de omgeving woonden meegenomen werden voor een verhoor, dit op 19 november. Toen ik terug liep naar huis, vertelde ik in geuren en kleuren het verhaal, de volgende dag, ik was op straat, was er een drukte van belang bij de Christelijke school, schuin aan de overkant van ons huis, wat zou er daar toch zijn dacht ik en ging op onderzoek uit, daar zei iemand dat de heren uit Hasselo die door de Duitsers meegenomen waren in de Christelijke school waren voor een verhoor, het ging over de piloot die de Duitsers niet konden vinden, de heren werden hierover gehoord. Nieuwsgierig ging op het muurtje klimmen die aan de school grensde, muurtje tussen de Volharding winkel en de school, zo kon ik in de klas kijken waar ik de Heren naast elkaar zag staan, daarvoor een tafel waar drie Duitse officieren achter zaten, opeens schreeuwde een Duitse soldaat die verderop voor de school op wacht stond, machen si weg da, ik schrok en rende weg, enkele uren later za ik de Duitsers met de Heren op straat, nu gingen die naar Enschede voor een verder verhoor.

Op 25 november werden de Heren JOHANNES BOOMKAMP – HENDRIK ROETGERINK EN PETRUS VAN DIJK in het weiland daar waar de piloot neerdaalde gefusilleerd wegens represaille van Britse piloot. Nu op mijn leeftijd, komt het nog steeds naar voren, en als ik fiets in de richting Hasselo, moet ik daar van de fiets af, en zie nog steeds de plek hoe ver ik gestaan heb in de bocht van Mekkelhorstweg.

Ook de Duitsers in de Christelijke school vergeet je niet, al eerder was ik in aanvaring gekomen met deze altijd stond er een soldaat voor de school op wacht. Op een dag kwam ik op straat met en eigen gemaakt wagentje, namelijk een groentekist met daaronder fietswielen, de as was een dunne holle buis, wat eigenlijk niets voorstelde maar het liep daarmee was alles mee gezegd, ook de stok waarmee ik de kar mee trok was dun, maar het was een kar vond ik toen. Zoals gezegd kwam ik daarmee op straat, opeens kwam er een Duitse soldaat naar me toe en zei ap geven, wat zei ik, sie moest die kar apgeven, nein zei ik, mit kommen zei hij, de wagen geef in nooit af, speelde door mijn hoofd, maar hij met z'n geweest aan de schouder beval dat ik met hem mee moest, waarheen was voor mij een vraagtegen, we liepen richting station in Borne. Hofstraat uit Stationsstraat in. Aangekomen werd er een accu door een Duitse soldaat in het wagentje gezet, een accu zo groot had ik nog nooit gezien, de accu paste net in het groentekistjes, kun je nagaan hoe groot en zwaar de accu was, de wielen gingen direct scheef staan, de as boog om, de soldaat beval mij om de kar te trekken, ik zei dat het niet kon, mach nich aus dar der wiel kapoet warn, dus ik trekken, elf stak hij geen hand uit, bij de spoorovergang waar ik overheen moest zakte alles in elkaar de wielen knapten er af de groentekist stond op de grond, de soldaat plofte haast en schopte de wielen van zich af, en doortrekken moest ik zonder de wielen, ik riep nog er ligt geen sneeuw en dit is geen slede, toch moest ik de kist voort trekken tot aan de Christelijke school, daar waar ik aan de overkant woonde, nooit zal ik dat vergeten, de dreigementen die de soldaat op mij afvuurde, de wielen heb ik later opgezocht maar niet terug gevonden ik snapte dat niet want niemand had eigenlijk een fiets want die moest iedereen inleveren, alleen ik had wat aan de fietswielen want die pasten onder de groentekist. De Duitsers die in de Christelijke school bivakkeerden vond ik maar een armoedig stel, want toen de Duitse soldaat mij aanhield om mijn wagentje in beslag te nemen, moest op dat moment (wonende aan de burenweg) met twee paarden voor de wagen die langs de school kwamen, de paarden inleveren bij drie Duitse soldaten, die paarden werden gebruikt om een kanon voor te trekken richting Delden trokken voor een oefening schieten, ten hoogte van café Pigge, een oefening schieten op een denkbeeldig gemaakte tank van hout en kartonpapier. Armoedig vond ik alles dat wij gebruikt werden voor vervoer voor hum spullen, mijn wagentje, en de paarden van de boer, schijnbaar hadden de Duitsers geen vervoer omdat zij maar een accu hadden (dit in de oorlog) DIT NU 67 JAAR GELEDEN, MAAR NOOIT VERGETEN